Oproep aan docenten: “Houd initiatieven tot onderwijs op afstand in stand!”

Waar de lessen van Janneke en Marlian buiten het ziekenhuis vanwege het coronavirus voornamelijk online en op afstand plaatsvinden, geven de consulenten binnen het Erasmus MC-Sophia gewoon nog les aan het bed van de zieke leerling. Waardevol voor de leerlingen in kwestie, maar het geeft de consulenten ook een dubbel gevoel. Toch zien zij vooral mooie initiatieven ontstaan, waarvan ze hopen dat deze langer duren dan de coronacrisis. Consulenten Adri en Monique vertellen over hun ervaringen.

“Veel scholen bieden op dit moment lessen digitaal aan. De docenten zorgen er daarnaast ook voor dat leerlingen en docenten zich online met elkaar blijven verbinden. Een zieke leerling in het ziekenhuis is daarmee niet anders dan een gezonde leerling thuis. Voor iedereen geldt dat het sociale contact, zij het digitaal, nu extra belangrijk is,” vertelt Monique. “Met het toepassen van sociale afstand in het ziekenhuis – er mag nog maar één ouder bij een kind op bezoek – is onze aanwezigheid nog wenselijker geworden.”

“Belangrijk is het zeker,” bevestigt Adri. Tegelijkertijd brengt deze coronacrisis zowel hem als Monique in een lastig parket: “Je ziet de leerlingen opfleuren als je komt. Even afleiding van het ziek zijn, even andere energie, een ander gezicht aan het bed. Dat is, naast de onderwijsinspanning, waar we het voor doen. Toch hebben we ook een verantwoordelijkheid naar de leerlingen en naar onszelf. Ik vind het soms lastig te bepalen wat nu het beste is. Daarom probeer ik me zo goed mogelijk te houden aan de richtlijnen van het RIVM, door onder andere anderhalve meter afstand te houden.” Dat blijkt in de praktijk minder makkelijk dan gedacht. “Als je iets uit wilt leggen of laten zien, en er zit een afstand tussen, is het lastiger om een leerling goed te begeleiden.” Monique vervolgt: “We proberen het bezoek wel te beperken tot een minimum, echt alleen voor de lessen. Verder onderhouden we het contact voornamelijk via de telefoon met de leerlingen en hun ouders.”

Dat veel lessen nu digitaal worden gegeven, betekent niet dat de consulenten zich overbodig zullen gaan voelen. Monique: “De afstemming met de school over het lespakket zal altijd nodig blijven. Ieder kind verdient maatwerk. Dat kan bijvoorbeeld zitten in aanpassingen van het lesprogramma, het gespreid of op afstand afnemen van toetsen of het bepalen van alternatieve opdrachten. Door onze kennis van ziektebeelden en kunnen inschatten van de belastbaarheid van de leerling blijft onze inzet dus altijd gewenst.”

“Ook in deze tijd adviseren we niet alleen de school, maar ook de ouders,” vertelt Adri. Zij vinden het soms moeilijk hun kind te motiveren voor schoolwerk. We denken dan mee over een goede aanpak. Tegelijkertijd hebben we als consulent een ander soort ‘aanzien’ dan een ouder, wat leerlingen soms over de streep trekt om aan de slag te gaan. Ook dat zal in de toekomst echt niet veranderen.”

Hoewel de situatie nu soms lastig is, zien beide consulenten ook kansen ontstaan voor zieke leerlingen in de toekomst. Monique: “Laten we de goede dingen die deze crisis brengt vooral vasthouden. We zien dat scholen in korte tijd onderwijs op afstand georganiseerd hebben en docenten ervaring opdoen met allerlei digitale middelen. Iedereen realiseert zich op dit moment dat sociaal contact – tussen leerling en docent of tussen leerlingen onderling – extra belangrijk is als je elkaar niet in levende lijve ziet. ”

Adri vult aan: “We zien dat docenten soms afstand nemen, omdat ze bang zijn een zieke leerling te overvragen. In de praktijk zien we echter dat leerlingen zelf vaak goed kunnen bepalen wat wel en niet kan. Het contact met docenten en klasgenoten is voor zieke leerlingen juist erg belangrijk tijdens de ziekteperiode. We hopen dan ook dat docenten in de toekomst meer gebruik zullen maken van de mogelijkheden van onderwijs op afstand. De kennis en ervaring is er nu!”